Overpeinzingen van de voorzitter!
Zien wij ze vliegen?
"Vliegende duiven", ja veel vliegende duiven de laatste jaren. Belangstelling te over en terecht. Veel rassen kunnen prima vliegen, al is niet iedereen in de gelegenheid om ze te laten vliegen. Men kan er ook alleen mee fokken, ook showen en er dan ook nog prijzen mee winnen.
Kan men door "vraag en aanbod" zijn overtollige dieren verkopen of ruilen (of gewoon weggeven!) dan is het helemaal prachtig. Sommige rassen kosten je geen duit en anderen juist weer een emmer met duiten.
Er is van alles mogelijk, vooral in Nederland. Er zijn fokkers die werkelijk elk ras naar de top kunnen brengen, waar anderen na jaren zwoegen soms de handdoek in de ring gooien.
Je hebt het "vingerspitsengevoel" wel of je hebt het niet. Aan het voer of de medische begeleiding ligt het vaak niet. Iedereen doet wat hij of zij nodig acht. Aan rassen, kleuren of soorten ook geen gebrek. Er is genoeg keuze voor iedereen. Je gaat eens op onderzoek uit, je bezoekt wat kleindier tentoonstellingen, neemt vandaar wat tijdschriften, foldertjes of boeken mee. Je kijkt eens op het internet of je ziet op een dak of op een til dat wat je zoekt of je oog op valt. Er zijn de nodige club's die je aan nuttige informatie kunnen helpen. Heb je 'n keuze gemaakt dan maak je een afspraak met een fokker of liefhebber die het ras heeft waar je je voor interesseert en die wel wat duiven kan missen. De eerste vraag is natuurlijk - "Holland op zijn best" - wat moet het kosten? Je kan geluk hebben dat die fokker een echte "fokker" is en er wel een paar wil verkopen of een goed koppel aan jou gunt. Zeker als hij merkt dat je er serieus mee aan de gang wilt.

Soms prachtige topdieren, soms ook gewoon fokdieren waar misschien prachtige jongen uit kunnen komen. Zonder geluk vaart niemand wel. Je moet als beginnende fokker de lat ook niet te hoog leggen.
Veel fokkers zijn zo begonnen en in de loop der jaren steeds hoger op de ladder van het succes geklommen. Als beginnende fokker weet je soms niet hoe je er mee om moet gaan en een goede begeleiding van een ervaren fokker is dan wel nodig. Het zou jammer zijn als er een linkmiegel komt en jou mooie duiven ontfutselt simpelweg omdat je er nog niet genoeg verstand van hebt. Vraag en aanbod is een kwestie van pech of geluk . Het heeft vaak met respect, bewondering of bezetenheid te maken. Geluk op het juiste moment maakt het verschil tussen gewoon of heel mooi. Hoe vaak doe je als fokker net een mand vol dieren weg en prompt staat de telefoon roodgloeiend vanwege verzoekjes om dieren. Dan wel graag een hele mooie en het liefst nog met een zak voer er bij. Soms ook nog het verzoek om die dieren dan ergens mee naar toe te nemen. Oke, je doet het maar een berichtje terug schiet er dan nog wel eens bij in.
Of na 10x bellen voor een dier, vergeten te bellen als het niet meer nodig is. Ondertussen heb jij er je best voor gedaan.
Kom je dan op een show en je ziet van die fokker prachtige dieren en je vraagt wat terug dan kunnen ze niets missen.
Of een ander probleem dat zich nogal eens voor doet. Je geeft dieren mee die je eigenlijk niet wilt missen maar je leent ze toch even uit om mee te fokken en een paar dagen later wordt er dan gebeld of je nog een doffer of een duivin hebt want er zijn er wat weggevlogen. Als je dan vraagt hoe dat komt dan zeggen ze: ja, ze vlogen bij jou ook zo mooi! Je legt dan voor de zoveelste keer uit dat je ze niet gelijk los moet laten en zeker niet als ze van een ander zijn en je er dus zuinig op zou moeten zijn.
Heb ik bijvoorbeeld 8 doffers en 2 duivinnen van een bepaald ras dan laat ik die 2 dames niet vliegen en wel die 6 doffers die toch over zijn.

En als ik nafok heb dan kan er weer wat anders los.
Ik heb overal in de wereld soms het beste en ook het duurste gekocht maar niet om het dan weg te laten vliegen en zeker niet door anderen waar ik mijn dieren aan heb uitgeleend.
Men komt soms en zegt gewoon: ik wil die grote en mooie daar. Ja, zo lust ik er nog wel een. Waarom sommige kopers altijd grote dieren moeten hebben is voor mij ook al zo'n raadsel. Later mekkeren ze dan weer dat die grote dieren zo vechten en slecht fokken.
Ook topfokkers zijn vaak met klein begonnen en beter 6 jonge dieren van kleine duiven dan geen jongen van grote plompe duiven.
Ik fok een ras, de beste van de wereld. Kom ik op een ochtend in de
tuin ..en vind ik lege hokken. Enkele weken later gelukkig weer dieren gekregen van liefhebbers die wel eens wat van mij gekregen hadden. Ook veel kleine dieren. Nu ben ik weer helemaal terug in dat ras. Het kost wel een paar jaar maar het zat er in (in de stam!). Toch weer "wie goed doet goed ontmoet".
Fok nooit te vroeg in het seizoen. Eind maart is volgens de natuur de best tijd en dan gaat het bijna altijd prima. Je krijgt die 2 koude maanden dubbel terugbetaald door de warmte van het voorjaar, let maar op. Winterjongen doen je de das om, soms pas na jaren.
Je fokt altijd met een doel. Dit mooier en dat beter. De kleur en oogkleur beter. Ruglijn beter, benen korter of langer en met veel geluk groeit je collectie naar een zeker kwaliteitsniveau.
Doe dieren weg met een mindere kleur en fok zo maar ineens een superkleur. Je denkt het super te doen op een show maar de keurmeester vindt het maar heel gewoon. Hij maakt geen enkele vermelding van de fraaie kleur en naast jouw dieren wint een dier met een mindere kleur. Ja, dat is balen, daar ben je dan jaren druk mee geweest en je dacht het allemaal gemaakt te hebben. Maar geluk bestaat ook, na jaren hebben je jongens ineens de prachtige ogen die ze horen te hebben. Juist omdat je enkele dieren hebt opgeruimd die bijvoorbeeld een bruine kleur als erfdrager bij zich hadden en die bruine kleur vererfd een andere oogkleur.
Daarbij zijn de eisen gewoon hoger op de shows met veel inzenders. De actie van de dieren is natuurlijk ook bepalend voor het resultaat.
Zo keurde ik dit jaar SIS-rassen bij de EZHSV in Den Haag. Een geweldige show omdat de aanwezige fokkers een prachtige collectie lieten zien, zowel qua conditie, actie en uitstraling. Een show later dezelfde dieren maar met enkele andere inzenders er bij die niet die uitstraling hadden. Dan valt de collectie ineens weer tegen. 50 toppers in de zaal geeft een ander effect dan 25 minderen + 50 toppers. Daarbij ziet niet elke keurmeester bij elk ras de mooiste. De een kiest voor kleur, de ander voor het grote type of oogkleur. Ieder heeft zo zijn voorkeur al naar gelang zijn raskennis of eigen fokervaring.
In het land der blinden is eenoog koning.
Het ene ras heeft voordeel bij een strenge keuring een ander ras juist weer niet. Daar gaat het om iets anders, dat is ook weer het mooie er van. "Vingerspitsengevoel" noemt men dat. De ene fokker doet er alles voor om een prijs te winnen, 'n ander heeft nog nooit een prijs opgehaald. Die heeft zijn eigen prijs, een fraai zicht op een mooie lieve duif in het hok of in de lucht. Voor hem het allerbelangrijkste en dromen dat hij volgend jaar nog meer van dat fraais heeft.
Die andere is er ziek van dat hij nog geen betere heeft dan die oude duif die al zo veel gewonnen heeft, maar nu weg moet omdat ze geen prijzen meer wint. Juist die duif moet je niet weg doen, dat heeft dat dier niet verdiend.

Bepaalde dieren, vooral Spaanse rassen zijn erg gehecht aan hun hok, "hun hok". Daar is honderden jaren op geselecteerd. Ook veel tuimelaars houden van "hun hok". Als dieren van eigenaar veranderen moet je daar rekening mee houden. Ze kunnen er ziek van zijn, pure heimwee! Ze willen naar huis, terecht, ook jouw hok was hun huis: dus let op!
Een voorbeeld: ik pas in de winter op een aantal duiven van een duivenvriend die heerlijk van de Portugese zon gaat genieten. Die duiven zitten in mijn hokken en hij heeft dit jaar een Gaditano duif met de hand grootgebracht. Dus, helemaal gek van de baas. Maar met al mijn ervaring overkomt het me toch dat dit dier na 4 dagen dood is. Wil niet eten of drinken.Wil alleen maar naar zijn baasje, maar die zit in Portugal. Geen 2006 voor dat dier. Ik had hem ook liever zien vliegen, helaas.
Je hebt met vliegende duiven nooit controle op de kit in de lucht maar wel op de duiven in het hok die niet los vliegen. In de lucht zijn hele andere omstandigheden.
De mogelijkheid om je duiven te laten vliegen geeft een meerwaarde aan onze hobby, maar in het hok zijn ze ook schitterend.
Zutphen januari 2006
Dick Hamer:
^ naar
Boven ^
